Heimwee en huierkieës

De Akerstraat ongeveer een halve eeuw geleden. Waar vroeger bakker Werres was gevestigd, is nu restaurant Umberto’s. Foto: Archief Gemeente Kerkrade

Ooit was Kerkrade-West een van de kloppende winkelharten van de Mijnstreek. Met name de Akerstraat in onze buurparochie Spekholzerheide was dé winkelstraat.

In het boek Wauweljedanke, in 2005 uitgegeven door dialectvereniging D’rWauwel, tref ik een interessant lijstje aan. Het is een vrijwel complete opsomming van de middenstand die tot rond 1970 in ons stadsdeel een goed belegde boterham verdiende. Het lijstje wordt aangevoerd door – kan het anders? – de cafés. Daarvan waren er in de bloeitijd van de mijnen maar liefst… 86 te vinden!

In mijn jeugd noemde men Spekholzerheide niet voor niets de Reeperbahn. Vanwege die vele cafés. Stripteasetenten zocht je er tevergeefs. Mijnwerkers verkeerden vooral in cafés met een danszaal, in cafés waar de fanfare repeteerde, of waar biljarters driebanden speelden, cafés waar de sportievelingen alle nung probeerden om te kegelen, waar gekaart werd, waar op zondag duiven werden gezet of cafés waar alleen maar stevig werd gedronken en slap geouwehoerd.

We profiteerden allemaal van de welvaart. De mijnwerkersgezinnen konden in die jaren inWest hun zilveren guldens kwijt bij: achtenveertig zelfstandige kruideniers, zestien slagerszaken, twaalf sigarenzaken, zestien kapsalons, veertien warme bakkers, zes groentewinkels en verder diverse schoenenzaken, modezaken, warenhuizen, rijwielzaken,
drogisterijen, garages, taxibedrijven, banken, postkantoren, meubelzaken, slijterijen, een boekenzaak en een bioscoop. De meeste winkels lagen in Spekholzerheide. Maar in Heilust hadden we toch – als ik goed tel – drie slagers, drie groentezaken, vier kruideniers, twee warme bakkers, maar ook drie cafés, een friteszaak, schoenenzaak, kleermaker, taxibedrijf, postkantoor en drogisterij. Ook kwamen bakker, groenteman, melkboer en kolenboer aan huis.

Waar zijn ze gebleven? Wat is er over van al die bedrijvigheid? De zelfstandige kruideniers en de later geopende kleine buurtsupers hebben – zoals overal – het veld moeten ruimen dankzij de supermarktketens. Daarvan zijn er drie gevestigd aan het nieuwe Carboonplein. Nu dit plein eindelijk klaar is, lijkt de oude Akerstraat weer iets op te leven. Dat wordt tijd, want er is veel leegstand. De straat mocht een kwart eeuw lang verloederen. Iedereen vond dat kennelijk goed. Nu zie je dat de eerste ondernemers het aandurven om te investeren. Zoals Bettie en Pierre Scheeren, die het voormalige politiebureau omtoverden in hun  brocantewinkeltje Trouvailles & Bagatelles. Bettie is een meisje uit Heilust, Pierre een slagerszoon van de Gracht.

Nog steeds is Kerkrade-West enkele warme bakkers en ambachtelijke slagers rijk. Bij een van die slagers kom ik regelmatig, hoewel ik al ruim een kwart eeuw niet meer in de wijk woon. Het is Rob Schröder, zoon van Martin en Francien, die de zaak voorheen runden in een ander pand in de Akerstraat, inmiddels gesloopt vanwege de bouw van dat nieuwe winkelcentrum Carboonplein.

Nu is de zaak verderop gevestigd in het pand waar voorheen slager Slangen – een succesvol duivenmelker die werd vermoord – zijn vleeswaren verkocht. Slager Rob vertelt dat bevolkingskrimp voor zijn zaak eigenlijk best wel een zegen is. Hij verkoopt immers het assortiment dat gewild is bij de oudere wijkbewoners die nog tijd hebben om boodschappen te doen én te koken. Als hij in een wijk met overwegend jonge tweeverdieners zou zitten, moest hij het assortiment drastisch aanpassen, beweert Rob. Ook van de SRV-man van Heilust, Peter Brandt, horen we een verrassend positief verhaal over de gevolgen van krimp. De man van Samen Rationeel Verkopen – de organisatie bestaat niet meer maar Peter houdt vast aan de vertrouwde naam – zegt dat hij een goede boterham verdient dankzij de vergrijzing.

Jonge mensen gaan immers naar supermarkten en kopen het liefst voorraad voor een hele
week, maar ouderen, die vaak moeilijk ter been zijn, zijn maar wat blij met die rijdende  kruidenier aan huis, die zelfs tot in huis bezorgt. Voor de onovertroffen hoofdkaas van Schröder rijd ik naar Spek’hei. Rob verklapt mij het recept van zijn huierkieës niet, maar de volgende ingrediënten zitten er zeker in: een halve varkenskop, 150 gram varkenslever, een varkenshart, een varkenspoot, een varkensoor, twee uien, laurierblad, peper, zout en nootmuskaat. Recept: Vlees goed spoelen en zuiver maken, uien snipperen, varkenskop met hart gaarkoken en ontbenen, poot en oor apart gaarkoken samen met laurierblad in niet te veel water, in kookvocht van poot en oor de ui stoven tot die zacht is, wat je nu krijgt is de lijm van de hoofdkaas, het gare vlees fijnmalen, de lever even apart stoven en mee malen met vlees.

Ook gestoofde uien mee malen. Alle gemalen vlees met ui samen stoven in het overgebleven vocht van poot en oor, kruiden met peper, zout en nootmuskaat, in kommen doen en laten opstijven…

Over mijnheilust

Journalist bij De Limburger. Bedacht en maakte samen met camera-journalist Karin Hillebrand voor de krant en regionale omroep L1 het multi-mediale project Mijn Heilust.
Dit bericht werd geplaatst in Mijn Heilust, verhalen. Bookmark de permalink .

2 reacties op Heimwee en huierkieës

  1. sluis zegt:

    heb ik 18 jaar gewoond in de geraniumstraat 21

  2. Veronie zegt:

    Hallo , weet iemand iets over een meubelzaak in de akerstraat van dhr Giesen jaar 1955??

Geef een reactie

Vul je gegevens in of klik op een icoon om in te loggen.

WordPress.com logo

Je reageert onder je WordPress.com account. Log uit /  Bijwerken )

Google+ photo

Je reageert onder je Google+ account. Log uit /  Bijwerken )

Twitter-afbeelding

Je reageert onder je Twitter account. Log uit /  Bijwerken )

Facebook foto

Je reageert onder je Facebook account. Log uit /  Bijwerken )

Verbinden met %s